Naar de inhoud
PureField

Implementatiegids, Platform

Hoe regel je documentbeheer volgens ISO/IEC 17025?

Auteur
PureField
Gepubliceerd
Bijgewerkt

Documentbeheer volgens ISO/IEC 17025 betekent dat elk document vóór uitgifte door bevoegd personeel wordt goedgekeurd, periodiek wordt beoordeeld en duidelijk zijn actuele revisie toont, en dat verouderde revisies buiten gebruik blijven (§8.3). In de praktijk is het een cyclus: concept, controle, goedkeuring, inwerkingtreding, lezen door medewerkers, intrekking van de vorige revisie. Elke stap legt vast wie wanneer tekende.

Wat eist ISO/IEC 17025 voor documentbeheer?

Clausule 8.3.2 noemt zes eisen: documenten worden vóór uitgifte door bevoegd personeel op geschiktheid goedgekeurd, periodiek beoordeeld en waar nodig geactualiseerd, wijzigingen en de actuele revisiestatus zijn herkenbaar, relevante versies zijn beschikbaar op de plaats van gebruik, documenten zijn eenduidig geïdentificeerd en onbedoeld gebruik van verouderde documenten wordt voorkomen. Dat geldt voor externe documenten zoals normen net zo goed als voor de documenten die het laboratorium zelf schrijft (§8.3.1).

§8.3.2EisHoe het eruitziet in het lab
aGoedkeuring door bevoegd personeel vóór uitgifteNaam van de goedkeurder en datum van de handtekening staan bij de revisie
bPeriodieke beoordeling, actualisering waar nodigElk document heeft een volgende beoordelingsdatum
cWijzigingen en actuele revisie herkenbaarRevisienummer, wijzigingssamenvatting en ingangsdatum
dRelevante versies op de plaats van gebruikAan de werkbank is de geldende revisie bereikbaar
eEenduidige identificatieDocumentcode en revisienummer op elke pagina
fOnbedoeld gebruik van verouderde documenten voorkomenIngetrokken revisies zijn gemarkeerd, geprinte exemplaren opgehaald

Registraties vallen onder §8.4. Het laboratorium houdt leesbare registraties bij die aantonen dat het aan de eisen voldoet, en beheerst hun identificatie, opslag, bescherming, back-up, archivering, terugvinden, bewaartermijn en verwijdering. Het onderscheid is eenvoudig: een document zegt hoe het werk gedaan wordt en krijgt in de loop van de tijd nieuwe revisies; een registratie laat zien dat het werk gedaan is. Een leeg formulier is een document; een ingevuld formulier, een opleidingsregistratie en een goedkeuringshandtekening zijn registraties.

Welke documenten moet je beheersen?

Elk document dat de laboratoriumactiviteiten beïnvloedt, wordt beheerst, of het laboratorium het nu zelf schreef of van buiten kreeg. De gebruikelijke soorten:

  • Kwaliteitshandboek: Het kwaliteitsbeleid, de doelstellingen en de opbouw van het managementsysteem.
  • Procedure: Wie een proces uitvoert en in welke volgorde (monsterontvangst, CAPA, interne audit).
  • Werkinstructie: De stappen aan de werkbank voor één taak (instrumentgebruik, monstervoorbereiding, reiniging).
  • Formulier: Een sjabloon dat een registratie wordt zodra het is ingevuld (monsterontvangstformulier, temperatuurlogboek).
  • Methode: Een methode die het laboratorium zelf ontwikkelde, of een interne methode om een normmethode toe te passen.
  • Extern document: Normen, regelgeving, handleidingen van fabrikanten en referentiedocumenten waarnaar methoden verwijzen.

Leg de codestructuur per soort vooraf vast (bijvoorbeeld PR-004 voor een procedure, FR-018 voor een formulier). Een document houdt zijn hele leven één code; het revisienummer gaat bij elke nieuwe revisie één omhoog.

Hoe werkt de revisiecyclus van een document?

Elke revisie doorloopt vier statussen: concept, goedkeuring, van kracht en ingetrokken. Een document heeft op elk moment precies één geldende revisie.

StatusWat er gebeurtWie
ConceptDe tekst wordt geschreven of bijgewerkt en er komt een wijzigingssamenvatting bijOpsteller
GoedkeuringDe revisie wordt gecontroleerd en goedgekeurd; de ingediende tekst ligt vastControleur, goedkeurder
Van krachtDe revisie geldt vanaf een bepaalde datum en gaat naar de mensen die haar moeten lezenDocumenteigenaar
IngetrokkenWordt een nieuwe revisie van kracht, dan wordt de oude ingetrokken en blijft ze gemarkeerd in het archiefDocumenteigenaar

Een typisch geval: de werkinstructie monsterontvangst krijgt een nieuw acceptatiecriterium voor de koudeketen. De kwaliteitsmanager opent het concept Rev.04, een analist schrijft de tekst en vult als wijzigingssamenvatting "Acceptatiecriterium koudeketen toegevoegd" in. Vindt de controle een fout, dan gaat de revisie met een reden terug naar concept, wordt ze gecorrigeerd en opnieuw ingediend. Op de dag dat Rev.04 van kracht wordt, wordt Rev.03 ingetrokken.

Vul bij elke revisie de wijzigingssamenvatting in; daaraan ziet een lezer wat er veranderde (§8.3.2 c).

Wie tekent wat in de goedkeuringsstroom?

In de goedkeuringsstroom schrijft de opsteller de tekst, controleert de controleur hem en beslist de goedkeurder dat het document geschikt is voor het doel en geeft het vrij. Clausule 8.3.2 a vraagt alleen goedkeuring door bevoegd personeel; wie de drie rollen aan verschillende mensen geeft, zorgt dat minstens twee mensen de tekst hebben gelezen.

  • Opsteller: Degene die het werk kent. Een testinstructie wordt vaak opgesteld door de analist die de test uitvoert, samen met het afdelingshoofd.
  • Controleur: Leest de tekst op technische en kwaliteitspunten. Dat kunnen één of meer stappen zijn: eerst het afdelingshoofd, dan de kwaliteitsmanager.
  • Goedkeurder: De bevoegde persoon die het document vrijgeeft, vaak de laboratoriummanager of de kwaliteitsmanager.

De stroom kan per documentsoort verschillen. Voor een formulier kan goedkeuring door de kwaliteitsmanager genoeg zijn; een testinstructie wordt opgesteld door een analist en het afdelingshoofd, gecontroleerd door kwaliteit en goedgekeurd door de vestigingsmanager. Leg in het kwaliteitshandboek of de procedure voor documentbeheer vast welke soort welke stroom doorloopt.

De regel van functiescheiding is kort: één persoon tekent maar één stap van een revisie, en de goedkeurder is altijd iemand anders dan wie de tekst schreef of bewerkte. Pas je een stroom aan, rond dan revisies die al in goedkeuring zijn af volgens de stroom waarmee ze zijn ingediend; zo blijft elke handtekening gebonden aan de regel waaronder ze werd gezet.

Wat is het verschil tussen een beheerste en een onbeheerste kopie?

Een beheerste kopie is een kopie waarvan het laboratorium weet waar ze is en die het bijwerkt als de revisie verandert; een onbeheerste kopie wordt na het printen of downloaden niet meer gevolgd. Een onbeheerste kopie is ter informatie: vergelijk haar vóór gebruik met de geldende revisie.

In een papieren systeem worden beheerste kopieën genummerd en op een verdeellijst gezet; komt er een nieuwe revisie, dan worden de oude exemplaren opgehaald en van de lijst geschrapt. In een elektronisch systeem is de beheerste kopie de geldende revisie in het systeem. Elke geprinte of gedownloade kopie is onbeheerst en zegt dat op de pagina: wie haar wanneer printte en dat vóór gebruik de actuele revisie gecontroleerd moet worden.

Documentcode, revisienummer en paginanummer (bijvoorbeeld 3 / 7) op elke pagina laten zien bij welk document een losse pagina hoort (§8.3.2 e). Een beoordelaar kan de instructie aan de werkbank vergelijken met de revisie in het systeem; Rev.02 aan de werkbank en Rev.03 in het systeem kan als bevinding tegen §8.3.2 d en f worden genoteerd.

Waarom leg je gelezen en begrepen vast?

Een gelezen-en-begrepen-registratie laat zien dat een nieuwe revisie de mensen heeft bereikt die haar toepassen. ISO/IEC 17025 laat de vorm van deze registratie aan het laboratorium; §6.2 vraagt competent personeel en registraties van die competentie, en §8.3.2 d vraagt relevante documenten op de plaats van gebruik. Verandert een instructie, dan is deze registratie het eenvoudigste bewijs dat de analist de nieuwe stap kent.

  • Bepaal op rol, functie of naam wie moet lezen: de analisten die een test uitvoeren lezen de instructie ervan; iedereen met een taak in een proces leest de procedure.
  • Geef de taak een termijn (bijvoorbeeld 14 dagen) en laat de kwaliteitsmanager achterstallige leestaken opvolgen.
  • Laat ieder met de eigen handtekening bevestigen; daar haalt het bewijs zijn waarde uit.
  • Bewaar leesregistraties bij de opleidingsregistraties; een beoordelaar kan beide in het competentiedossier bekijken.

Hoe controleer je of externe documenten actueel zijn?

Je controleert externe documenten door op vaste momenten de catalogus van de uitgever te raadplegen en elke controle vast te leggen met datum, resultaat en wie haar uitvoerde. Bij normmethoden gebruikt het laboratorium de laatste geldige versie, tenzij dat niet passend of niet mogelijk is (§7.2.1.3); het moet dus merken wanneer er een nieuwe editie verschijnt van een norm waarnaar een methode verwijst.

  • Houd een normenlijst bij: normnummer, jaar van uitgave, uitgever (zoals ISO, CEN of een nationale normalisatie-instelling) en de methoden die de norm gebruiken.
  • Stel per norm een controle-interval in (bijvoorbeeld 12 maanden) en toon de volgende controledatum op de lijst.
  • Leg het resultaat van elke controle vast: actueel, nieuwe editie beschikbaar of ingetrokken. Noteer bij een nieuwe editie welke editie verscheen.
  • Is er een nieuwe editie verschenen, plan dan de overstap: lees de wijzigingen, beslis of de methode opnieuw geverifieerd moet worden en werk de interne documenten bij die erdoor geraakt worden.
  • Gebruik dezelfde lijst voor regelgeving en handleidingen van fabrikanten.

Hoe voer je een periodieke beoordeling uit?

Bij een periodieke beoordeling vergelijkt de documenteigenaar de tekst met de huidige praktijk en legt een van twee uitkomsten vast: geen wijziging nodig, of er wordt een nieuwe revisie geopend. Het laboratorium bepaalt het interval en legt het vast in zijn procedure (§8.3.2 b); gewijzigde regelgeving, een nieuw instrument of een bevinding uit een accreditatiebeoordeling kan de beoordeling naar voren halen.

Vragen voor de beoordeling:

  • Beschrijft de tekst hoe het werk vandaag gaat? Zijn instrumenten, schermen en verantwoordelijkheden nog dezelfde?
  • Zijn de normen en documenten waarnaar verwezen wordt nog van kracht?
  • Raken recente CAPA's, klachten of bevindingen uit interne audits dit document?
  • Mist een formulier een veld, of heeft het er een dat niemand meer invult?

Leg de beoordeling ook vast als er niets hoeft te veranderen, met datum en uitkomst; die registratie laat zien dat ze heeft plaatsgevonden.

Welke bevindingen over documentbeheer komen vaak voor bij beoordelingen?

Veelvoorkomende bevindingen ontstaan waar documenten gebruikt worden en waar hun registraties tekortschieten.

BevindingVoorbeeldClausule
Oude revisie op de plaats van gebruikEen ingetrokken bedieningsinstructie naast het instrument§8.3.2 d, f
Goedkeuring niet aantoonbaarEen procedure zonder goedkeuringshandtekening of datum, een met de hand gecorrigeerd formulier dat nooit is goedgekeurd§8.3.2 a
Achterstallige beoordelingEen procedure voorbij haar beoordelingsdatum, of een beoordeling die nooit is vastgelegd§8.3.2 b
Wijzigingen niet herkenbaarEen lege wijzigingssamenvatting; niemand kan zeggen wat er veranderde§8.3.2 c
Kopie niet geïdentificeerdEen fotokopie zonder code of revisienummer op de pagina's§8.3.2 e
Actualiteit van een norm niet gecontroleerdEen methode verwijst naar een oude editie, en de overstap naar de nieuwe is nooit beoordeeld§7.2.1.3, §8.3.1
Nieuwe revisie niet gelezenDe instructie veranderde, en de nieuwe stap is bij de analist niet aangekomen§6.2

Wat deze bevindingen gemeen hebben, is bewijs: wie het deed, wanneer en met welke revisie, moet uit de registratie te halen zijn.

Hoe werkt documentbeheer in PureField LIMS?

In PureField LIMS hoort elk document bij een categorie, en de goedkeuringsstroom van de categorie bepaalt wie een revisie opstelt, welke controlestappen ze doorloopt en wie haar goedkeurt. De regels worden in de database afgedwongen; functiescheiding wordt bij elke handtekening opnieuw gecontroleerd.

StapIn PureField LIMS
Categorie en stroomElke documentsoort heeft een standaardcategorie (kwaliteitshandboek, procedure, werkinstructie, formulier, methode, extern document) en het laboratorium voegt eigen categorieën toe. Een stroom heeft opstellers op naam, tot 5 controlestappen op volgorde en één goedkeuringsstap. Wie een stap mag tekenen, wordt bepaald door functie, rol of recht
Wijzigingen in de stroomElke wijziging van een stroom wordt met reden en e-handtekening als nieuwe versie opgeslagen; eerdere versies blijven bewaard. Een ingediende revisie loopt verder onder de versie van de stroom waarmee ze is ingediend
FunctiescheidingEén persoon tekent maar één stap van een revisie. De goedkeurder is altijd iemand anders dan wie de revisie schreef, bewerkte of indiende; staat onafhankelijke controle aan voor de categorie, dan geldt dat ook voor controleurs
TekstDe tekst wordt in de applicatie geschreven in een paginaweergave, zoals hij wordt afgedrukt met de kop- en voettekst van het laboratorium; een kant-en-klare pdf uploaden kan ook. Bij indienen wordt uit de tekst een beheerste pdf gemaakt die aan de tekst gebonden is, en de goedkeurder tekent de SHA-256-hash van de pdf
VergelijkenTwee in de applicatie geschreven revisies vergelijk je inline of naast elkaar, met toegevoegde en verwijderde tekst in kleur
Van krachtEen revisie wordt direct of op een geplande datum van kracht; de vorige revisie wordt automatisch ingetrokken
Gelezen en begrepenIedereen die op rol, functie of naam is aangewezen, krijgt een taak van 14 dagen; ieder bevestigt met de eigen e-handtekening en de registratie komt in de opleidingshistorie
KopieënElke pagina van de beheerste pdf draagt documentnummer, revisie, pagina en kopie-opmerking. Een geprinte kopie draagt de opmerking onbeheerste kopie, met de naam van wie printte en het tijdstip
Externe documentenUitgever, normnummer en controle-interval worden ingevoerd. Elke actualiteitscontrole legt een persoon vast met het resultaat (actueel, nieuwe versie beschikbaar, ingetrokken); daaruit volgt de volgende controledatum
Periodieke beoordelingEen document waarvan de beoordelingsdatum nadert of verstreken is, wordt in de lijst gemarkeerd en de eigenaar krijgt een melding; is er geen wijziging nodig, dan wordt de uitkomst vastgelegd
RelatiesEen document verwijst naar een ander document, een norm, een methode of een clausule van ISO/IEC 17025; een document dat aan een clausule gekoppeld is, staat op de pagina van die clausule in de 17025-conformiteitskaart

De revisiehistorie toont elke revisie op een tijdlijn, met wie wat deed, wanneer en waarom; opgeslagen teksten en handtekeningen komen in de audittrail. Staat de AI-assistent aan voor je laboratorium, dan voegt Vraag de assistent op een geldend document dat document toe aan je vraag; de assistent leest de geldende revisie en antwoordt met code, revisie en pagina.

Onderaan een documentpagina staan onder Kaarten gekoppeld aan deze registratie de projectkaarten die aan het document gekoppeld zijn (Projectbeheer in het laboratorium).

Onderbouwing

ISO/IEC 17025 (editie 2017)
Algemene eisen voor de competentie van test- en kalibratielaboratoria. Documentbeheer staat in §8.3, de beheersing van registraties in §8.4 en het gebruik van de laatste geldige versie van een methode in §7.2.1.3. Bron: iso.org

Wil je de goedkeuringsstroom en leestaken zien in een voorbeeldlaboratorium? Vraag een PureField LIMS-account aan.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een document en een registratie?

Een document zegt hoe het werk gedaan wordt en krijgt in de loop van de tijd nieuwe revisies (§8.3). Een registratie laat zien dat het werk gedaan is (§8.4): een ingevuld formulier, een opleidingsregistratie, een goedkeuringshandtekening. Een leeg formulier is een document; ingevuld is het een registratie.

Hoe kies je de goedkeurder?

Clausule 8.3.2 a vraagt goedkeuring door bevoegd personeel. Leg de bevoegdheid tot goedkeuren per documentsoort vast in het kwaliteitshandboek of de procedure voor documentbeheer, en laat iemand goedkeuren die de tekst niet schreef. In PureField LIMS is de goedkeurder altijd iemand anders dan wie de revisie schreef, bewerkte of indiende.

Mag je geprinte instructies aan de werkbank gebruiken?

Ja, zolang de kopie laat zien welke revisie het is en of ze beheerst is. Zet beheerste geprinte exemplaren op een verdeellijst en haal ze op als er een nieuwe revisie komt. Vergelijk een onbeheerste kopie vóór gebruik met de geldende revisie in het systeem.

Hoe vaak controleer je of normen actueel zijn?

Het laboratorium bepaalt het interval en legt het vast in zijn procedure voor documentbeheer. Waar het om gaat, is dat elke controle wordt vastgelegd met datum, resultaat en wie haar uitvoerde. In PureField LIMS stel je het interval per extern document in, van 1 tot 60 maanden, standaard 12.

Wie geeft de gelezen-en-begrepen-bevestiging?

De persoon die het document las, op eigen naam. In PureField LIMS loopt de taak 14 dagen; de lezer ziet de code en het revisienummer van wat hij las en de SHA-256-hash van de pdf, en tekent met zijn wachtwoord. De bevestiging komt in zijn opleidingshistorie als gelezen-en-begrepen-registratie met e-handtekening.